In memoriam: de drachme of 2671 jaar geschiedenis
De Griekse drachme heeft maar liefst 26 eeuwen achter zijn rug en is daarmee de oudste Europese munt: ziehier een schets.
In zijn gouden jaren kon je met de standaard zilveren drachme een schaap kopen; het was de hardste munt in de toenmalige beschaafde wereld. Hoedanook, eind 2002 kon je met een enkele drachme alleen een enkele slinger spaghetti kopen, zoals een Griekse advertentie onlangs spottend schetste. Wel, met de excuses voor de drachme-gebruikers van Pericles tot Onassis, werd het dus tijd om de oudste Europese munt op rust te stellen. De geschiedenis van de drachme is indrukwekkend lang, maar de stamboom van zijn afstammelingen is konstant. Vanaf de zesde eeuw vóór Christus werd reeds handel gedreven met drachmen. De moderne heropleving van de drachme gebeurde tussen 1828 - 1833 en was een poging tot zelfherkenning van de klassieke Atheense lijnen.
De slogan dat de drachme "Europa's oudste munteenheid" was, is een halve waarheid op zijn best. De uitvinding van een nieuw betaalmiddel in edelmetaal met een welbepaald standaard gewicht en een bepaalde beeldenaar werd gedaan tussen 650 - 600 vóór Christus in Lydia, een naburige natie van de Grieken in Klein-Azië. De eer valt een voorganger van Kresus te beurt, eerder dan de Grieken, die in het nabij gelegen Ionië gevestigd waren. Het zijn evenwel de Grieken die het betaalmiddel verspreidden over de gehele toenmalige Helleense wereld, van de ene zijde van het Middellandse Zeebekken tot het andere einde. De eenheid, de stater van 14 à 16 gram kwam overeen met het maandloon van een huurling. De publieke bruikbaarheid kwam op de eerste plaats. Niet alleen voor het betalen van wedden van ambtenaren en soldaten, maar ook voor het innen van belastingen Ze verving het gebruik van prémonetaire voorwerpen. Lydia's geldverslindende koning Kresus, kreeg de interesse voor het relatief duurzame metalen betaalmiddel van de Griekse handelaars, zodat het betaalmiddel al vlug verspreid werd naar de handelssteden zoals Athene, Korinthië en Egina. Sparta hield zich lange tijd afzijdig van het monetair gebruik terwijl de meeste Griekse stadsstaten hun eigen stukken uitgaven.
Aanvankelijk was het muntsysteem in Athene gebaseerd op de drax, een handvol van zes sieraden of obeloi die hun naam geven aan de fractie, obool genaamd. De veelvouden hadden eerst de waarde van twee, later vier drachme. De Attische didrachme stond gelijk met de Korinthische stater, van Athena's grootste rivaal: Korinthië. Later gebruikten de Atheners de "obol" als betaalmiddel, wat in feite niet meer was dan een kleine metalen staafje. Ongeveer zes "obols" konden in een gemiddelde beugel. De benaming obol is een variant van het woord obelos (ijzeren braadspit) dat in Griekenland vóór de invoering van het geld als ruilmiddel diende: volgens de overlevering werden deze braadspitten door Pheidon, koning van Argos, uit de circulatie genomen en als wijgeschenk aan de tempel van de Argivische Hera gegeven. Als veergeld voor Charon werd elke overledene een obool in de mond gelegd. De antieke Griekse zilveren munt obol had een waarde van een zesde van een drachme.
Indien de palm van de vroegste nabootsing van de Lydische en Ionische techniek op het Europese kontinent toekomt aan het eiland Egina, dan blijft toch het belangrijkste muntwezen van het Griekse kontinent, de stadstaat die beschikte over de rijke zilvermijnen van Lavrion: Athene. In 600 vóór Christus, lang vóór Pericles, werd de kenmerkende Attische drachme met de uilenkop de wijdverbreide munteenheid. Het was gemaakt van 96 procent zuiver Laurion-zilver en woog iets meer dan 4 gram. In Egina daarentegen stelde ze zes gram zilver voor en in Euboia slechts 4,25 gram.
De waardevermindering was opvallend traag — ongeveer 50 procent gespreid over de volgende 200 jaar. Aristophanes zegt ons dat 1 drachme het gemiddelde dagelijks inkomen was van een gemiddeld geschoold arbeider. Met acht drachmes kon je een paar schoenen kopen, met 20 drachmes een kwaliteitskleed en voor 160 drachmes een slaaf (kindslaven waren een "koopje" voor 72 drachmes). Een vierpersoongezin plus een slaaf kwam gemakkelijk het jaar rond met 1.000 drachmes.
Inflatie nam snel toe wanneer de strijdvaardige Griekse staten grote hoeveelheden Perzisch goud aanvaarden voor het bekostigen van hun oorlogen. Bij de Romeinse verovering in 146 vóór Christus was de waarde van de drachme zodanig verziekt en had schijnbaar zo weinig waarde ten opzichte van de Romeinse denarius dat de drachme geleidelijk aan niet meer werd gebruikt. De Romeinse denarius is de voorganger van de Joegoslaafse dinar. Gedurende twee millennia dreven de Grieken met het geld van hun overheersers.
Het was Alexander de Grote die een eerste poging tot een universele munt nam. Als gevolg van zijn veroveringen, ontstond een ontzaglijk rijk dat diende voorzien te worden van munten. Daarom richtte Alexander in elk onderworpen gebied een nieuw atelier op. Al die productiecentra gaven stukken met hetzelfde type en hetzelfde gewicht uit in goud zilver en brons. De keuze van de standaard werd ingegeven door de historische realiteit: het was die van Athene, reeds de meest verbreide in die tijd.
Ten tijde van de onafhankelijkheidsverklaring in 1828 - 1833 werd de drachme opnieuw ingevoerd. Het scheelde niet veel of er zou geen spoor overgebleven zijn van een der oudste munten: wanneer Griekenland in 1828 onafhankelijk werd, koos het voor de phenix tot nationale munt. Als symbool van de Griekse heropstandig was dat niet zo slecht bekeken, maar adelbrieven uit het roemrijke verleden bleven aldus achterwege. Na vijf jaar kwam dat in orde: de phenix werd vervangen door de drachme. De drachme van Koning George I (1863) was zo identiek mogelijk gemaakt als zijn Attische voorganger voor wat betreft samenstelling en afmeting
De eigendunk ging echter in de mist op omdat doorheen de negentiende eeuw de drachme nergens de status en het prestige van zijn antieke voorganger kon evenaren en slechte balansen tot het bankroet leiden in 1893. Een Engels financieel specialist, Edward Law, wist evenwel de drachme van een enorme inflatie te redden en de munt intact te houden gedurende vijftig jaar. Het was tot eind jaren veertig, na ongeveer een decennium oorlog en burgeroorlog, dat de drachme opnieuw wraak nam met nieuwe inflatie. Zoals in andere landen had men zakken vol geld nodig met biljetten met een hele reeks nullen om de basisbehoeften te kunnen aankopen. In 1953 maakte de toenmalige minister van financiën, Spyros Markezinis, komaf met het probleem door drie nullen te schrappen.


nu kollektiestukken of reis-souvenirs…
In de inflatievrije jaren zestig en vroege zeventig had de bescheiden drachme een vaste waarde, en werd zoals de olijf een symbool van de nationale trots. Doch daar kwam geleidelijk sleet op door de toenemende urbanisatie en het groeiend idee van de Europese éénheid. De groeiende inflatie, sinds het herstel van de democratie na de zeven jaren dictatorschap, kwam uiteindelijk onder controle in 1997.

de nieuwe "Griekse" euro: oud en nieuw tesamen op 1 munt
|
De drachme werd geboren in Egina omstreeks 670 vóór Christus. Verdrongen door de Romeinse denarius in 146 vóór Christus. In eer hersteld in 1833. Ter dood veroordeeld met het Verdrag van Maastricht in 1991. Leed sindsdien aan acute waardevermindering. Overleden op maandag 31 december 2001 om 23.59 lokale tijd op de gezegende leeftijd van 2.671 jaar. Werd vanaf 1 januari 2002 onder massale belangstelling van alle Grieken ten grave gedragen in de Griekse banken. |
Johan Van Iseghem

Weet u op welke biljetten Zeus en Dimokritos afgebeeld staan?
Alle Griekse kranten brachten uitvoerig de munt-wissel ter sprake. Hier volgt een recent krantenartikel uit I Kathimerini van 23 januari 2002 (vertaling Johan Van Iseghem)
Griekse drachme verdwijnt zeer vlug
.Meer dan de helft van het totale aantal drachme is uit circulatie genomen sinds 1 januari 2002, en tweederde van de transacties gebeuren in euro. Griekenland is een van de meest succesvolle eurozoneleden voor wat betreft de munt-omschakeling. Bank van Griekenland voorzitter Lucas Papademos, die nochtans bekend is voor zijn bescheidenheid, zei dat dit een belangrijk succes is. "Natuurlijk," voegt hij er aan toe, "het werkelijk succes is het lidmaatschap van de euro-zone."
Er zijn drie hoofdredenen voor het succes van "Operatie Euro."
De eerste, sentimenteel, is de positieve reactie en ingesteldheid van het publiek. De Centrale Bank verklaarde dat "het enthousiasme voor de euro tot de grote vraag leidde". Inderdaad, de euro vooruitgangs-index dewelke de Europese Centrale Bank berekende om de vervangingsverhouding te meten, bereikte op 17 januari zijn top met 61 procent tegenover 58 procent eurozonegemiddelde. Op 10 januari stond de Griekenlandindex op juist 50 procent.
De tweede reden was de goede voorbereiding. De Bank van Griekenland had alle commerciële banken tijdig en voldoende met euro bevoorraad had. Dus, wanneer de tijd kwam, hadden alle banken een totale voorraad van maar liefst 6 miljard euro, hetgeen overeenkomt met zeventig procent van alle circulerende drachme eind december 2001 terwijl dat in andere landen slechts veertig procent van het totaal circulerende geld was.
De derde reden voor de succesvolle overgang was de actieve rol van de commerciële banken. Het grootste succes was dat 92 procent van alle geldautomaten operationeel waren vanaf de eerste dag, en 100 procent van alle automaten binnen de eerste week. Alle banken en alle supermarkten waren uitstekend voorbereid. In de tweede helft van 2001 had de Centrale Griekse Bank ongeveer 6.000 loketbedienden speciaal getraind, die op hun beurt alle andere loketbedienden zouden trainen.
Het succes is ook te danken aan het relatieve gemak waarmee het publiek de veronderstelde problemen aanging, zoals de pariteit van 340,75 drachme voor een euro, de verwachtte files in de banken, de familiarisatie van het publiek met de kleinere denominaties van de nieuwe munt
De totale omschakeling zou begin februari een voldongen feit moeten zijn. De betaling van de wedden zal de oude munt de genadeslag geven, vooral in de kleine dorpen waar de introductie trager verliep. Men verwacht dat het huidige dagelijkse bedrag van 70 miljard drachme dat uit circulatie wordt genomen, nog een tijdje aanblijft. De Centrale Bank is paraat om deze geldstroom te verwerken: de hoeveelheid euro die ze in voorraad heeft is 60 procent groter dan de drachme in circulatie, en de hoeveelheid euro-muntstukken is het drievoudige van de drachme-muntstukken.
Het aantal klachten dat de Helleense Bankvereniging en de commerciële banken zelf hebben ontvangen, zijn te verwaarlozen. Een belangrijke factor is het werk dat de bankmedewerkers hebben geleverd. Verantwoordelijken voor de omschakeling verklaren dat het werk geleverd in tellen, controles, diensten en informatie voor het publiek, ruimer waren dan oorspronkelijk gepland.
Over het algemeen was de operatie pijnloos in de ganse euro-zone. Volgens de ECB werden op 17 januari reeds 8 miljard 100 miljoen biljetten in omloop gebracht, hetgeen overeenkomt met 90 procent van het totaal nationale munten.
H.A. Papadimitriou
- klik hier om de oude en nieuwe Griekse bankbiljetten te bekijken
Heeft u uw voorbije eindejaarsfeesten ook een Grieks tintje / smaakje gegeven? Heb je ook van die lekkere Griekse snoeperijen geproefd? Dan heb je je misschien de vraag gesteld hoe die lekkernijen zelf te bereiden. Ze zijn normaal bij de Griekse bakker te koop tijdens de jaarwissel, maar zelf bereiden is toch ook niet mis. Diegenen die via het world-wide-web van tijd tot tijd onze emails ontvangen, konden in december de recepten bestuderen; ten behoeve van onze lezers hernemen ze hier, zij het wat laat.
Melomakarona
Melomakarona zijn een soort koekjes die enkel in de eindejaarsperiode worden gemaakt. Ondergetekende is er gek op, het waren weer zware dagen voor mijn weegschaal.... Ziehier het recept:
Ingredienten: 1 kilo bloem, 2 koffielepels bakpoeder, 1,5 tas olijfolie, 1/2 tas boter, 1 koffielepel gist, 1/4 tas metaxa of cognac, 3/4 tas appelsiensap, geraspte appelsienschil, 1 tas suiker, 1/2 koffielepel kruidnagel, 1 koffielepel kaneel, 2 tassen suiker, 2 tassen honing, 2 tassen water
Bereiding: Meng grondig de olijfolie, boter, metaxa (cognac), appelsienschil, appelsiensap in een grote kom. Meng de bloem, gist, bakpoeder en suiker en voeg vervolgens de vloeibare mengeling toe. Maak balletjes met het deeg en druk ze plat op een bakplaat. Bak ze gedurende 30 minuten in een op 180 graden voorverwarmde oven. Bereid ondertussen een siroop: laat de mengeling van water, suiker en honing ongeveer 5 minuten koken. Terwijl de zopas gebakken melomakarona nog warm zijn overgiet je ze met de siroop. Laat ze enkele dagen staan (of probeer dat te doen) alvorens van de melomakarona te genieten.
Een andere lekkernij voor de feestdagen zijn de kleine amandelkoekjes,
kourabithes
Een raad: maak er meteen genoeg van, ze zullen smelten als sneeuw voor de zon.
Ingredienten: 700 gram boter, 300 gram olijfolie, 1/2 tas suiker, het geel van 3 eieren, het wit van 1 ei, 1 koffielepel bakpoeder, 3 koffielepels metaxa (cognac), 1 koffielepel kaneel, 1200 gram bloem, 700 gram gemalen amandelen, 4 tassen bloemsuiker voor de afwerking, gist
Bereiding: In een grote kom de boter, olie en suiker mengen tot een gladde brij, meng eigeel, eiwit, gist, metaxa, kaneel en amandelen. Voeg de bloem geleidelijk toe en kneed de mengeling grondig. Schik op een bakplat en bak ze gedurende 15 tot 20 minuten in een voorverwarmde oven van 180 graden. Wanneer ze bijna afgekoeld zijn, ruim, dik bestrooien met bloemsuiker.
Christopsomo
- KerstmisbroodDit brood, mooi versierd, was vroeger het enige om Kerstmis te vieren in de kleine Kretenzische dorpjes. De bereiding was en is nog steeds een ritueel: van de bereiding van het deeg, het aansteken van het vuur, het kneden, het geven van de vorm. In de meeste plaatsen van het eiland krijgt het brood een kruis in het midden die staat voor de eerste letter van Christus in het Grieks. In andere regio's staat het kruis boven de takken van een boom. Alleen het gezinshoofd mag het brood snijden; het mes moet gehouden worden zoals een priester dat deed in de oudheid, en hij maakt eerst het kruisteken, wenst al de aanwezigen Gelukkig kerstfeest en pas dan wordt het brood gesneden.
Ingredienten: 2 kilo bloem, 100 gram gist of 4 koffielepels droge gist, 3 tassen suiker, 1 koffielepel kaneel, 1/2 tas olijfolie, 1/2 appelsiensap, 2 à 3 tassen water, 1/2 tas Kretenzische raki of metaxa (cognac), 2 eieren, amandels
Bereiding: Bereid het deeg de dag vooraf!!! Los de gist op in 1 tas water in een grote kom en voeg bloem toe totdat je een vast deeg bekomt. De volgende dag voeg je de resterende ingredienten toe en kneed tot een zacht deeg. Laat het op een warme plaats tot het verdubbelt in omvang. Kneed twee afzonderlijke ballen en laat wat deeg apart voor het kruis. Kneed de twee deegballen tot ronde bladen en plaats ze op de bakplaat; kneed het restant tot een lang lint en maak hiermee twee kruisen voor op elk brood; laat de bereide deeg rijzen tot ze opnieuw in omvang verdubbeld zijn. Overgiet met de geklopte eieren, plaats een amandel in het midden van de broden en bak ze goudbruin.
Johan Van Iseghem
Tijdens de groepsreis naar Karpathos, een eiland van de Dodekanissos, begin september wandelde ik op dinsdag 4 september ‘s morgens vroeg in het hoofdstraatje van Pigadia, de hoofdstad van het eiland, ook wel Karpathos town genoemd, en viel mijn blik op een affiche op een winkeldeur waarop stond dat ‘s avonds op de plaatselijke plein Athina Karataraki een concert zou verzorgen. Aan de ober waar ik mij steevast in alle vroegte bezondigde aan een lekkere café frappé vroeg ik waar ik het plein kon vinden: het lag op het einde van de winkel-straat, rechtsaf naar beneden en naar de haven. Bij het ontbijt informeerde ik mijn reisgenoten over deze muzikale gebeurtenis en dat iedereen van harte was uitgenodigd op deze avond, temeer het een gratis concert betrof.

We gingen die avond op een onnoemlijk vroeg Grieks uur dineren in de taverne « de maan » zoals we dit woord kennen in ons taalgebruik. Rond kwart voor negen – het concert zou om 21u beginnen – zakten we af naar het plein. Tot onze verbazing was er heel weinig volk opgedaagd, zodat we zonder problemen op de tweede rij konden plaats nemen. Enkele tientallen toeschouwers zouden het concert bijwonen. Vanop de tweede rij zaten we gedurende dit evenement in feite op de eerste rij, want niemand kwam de rij voor ons bezetten.
Het traditionele Griekse kwartiertje was al enkele minuten afgelopen, toen de zangeres, waarvan ik nog nooit had gehoord, en de gitarist, Dimitris Ikonomakis, hun plaats op de scene innamen.
Ze gingen van start na de verwelkoming door een vertegenwoordiger van de gemeentelijke cultuurdienst, die terloops vertelde dat het optreden oorspronkelijk in Menetes, een dorpje op een tiental kilometer van de hoofdstad, zou plaats gehad hebben, doch dat uiteindelijk werd gekozen voor Pigadia. Hij sprak zijn verwondering uit over de magere opkomst, doch dit mocht de pret en het muzikaal genot niet drukken.
Als bevoorrechte toeschouwers genoten we van een selectie liedjes, eigenlijk chansons, van grote namen als Chatzidakis, Theodorakis, Kurt Weill, maar ook naar eigen composities. Het ene melodietje klonk ons al bekender in de oren dan het andere. Het werd een sereen optreden, en ook de toeschouwers toonden het nodige respect voor de kunstenaars: ze luisterden vol aandacht. Ze genoten niet alleen van de frele, doch krachtige stem van de zangeres, maar genoten evenveel van het meesterlijk getokkel van de instrumentalist en begeleider, de gitarist Dimitris Ikonomakis.
Na afloop van haar recital bedankte Athina Karataraki het publiek en drukte de wens uit dat het eiland, net als zovele eilanden op Griekse bodem, nog heel lang haar eigenheid mocht bewaren. Ze kregen een daverend applaus, ook van ons, de Belgische toeristen op de tweede rij. Ik had zelfs de gelegenheid om haar te feliciteren met haar zangkunst, eveneens kreeg ik de kans om de inleider van harte te danken voor het anderhalf uur prachtig spektakel en hem te verzekeren dat de afwezigen ook deze keer ongelijk hadden….
Twee dagen later, op donderdag 6 september, was iedereen opnieuw present op hetzelfde plein om een tweede optreden bij te wonen. Erofili was de naam van de muzikale gaste. Wellicht een grotere dame van het Griekse lied, want overal in de stad waren affiches opgehangen om haar komst en haar nieuwe CD-opname aan te kondigen. Wellicht zou de publieke belangstelling ditmaal groter zijn. Dus besloten we thuis te aperitieven en kleine hapjes te eten, om zeker geen tijd te verliezen en een goed plaatsje te bemachtigen. Andermaal kregen we een goede plaats met uitzicht. Ditmaal namen we de eerste en de tweede rij in, want we durf-den het niet met zijn allen helemaal vooraan te zitten. De opkomst was bevredigend.
Het concert werd eveneens gratis aangeboden in het kader van de «Culturele ontmoetingen» die her en der op het eiland werden georganiseerd als een festival tussen begin juni en eind september. We wachtten vol ongeduld op wat ons nu te wachten stond. Na een klein Grieks halfuurtje vertraging ontspon zich hetzelfde scenario als twee avonden tevoren: dit betekent een inleidend woordje en voorstelling van de artieste met naam, Erofili.
Erofili was evenwel niet alleen gekomen.
Neen, ze had ook nog een Cypriotische zanger, Sotos Konstandinou, meegebracht, kwestie van het vrouwelijk oog ook eens te strelen. Het kan niet dat enkel knappe meiden zingen en alleen mannen zich mogen verlustigen aan een schoon ding, a thing of beauty. Vijf muzikanten, waaronder een pianist, mochten de zangers begeleiden. De zanger en de zangeres brachten afwisseld gekende nummers van de gekende componisten van Griekenland, maar Erofili vertolkte tussendoor wat eigen nummers. We zongen of neurieden mee, telkens wanneer de melodie ons bekend was. Het werd een mooie show, met intimistische liedjes, maar ook met zwierige nummers. De muziek klonk voortreffelijk.
Op die manier schonk Karpathos ons reisgezelschap twee onvergetelijke muzikale avonden, waar we nog dikwijls zullen aan terugdenken.
Jean-Marie Petyt
Turkse koffie
Ilias Petropoulos is vooral bekend om zijn magistrale boek over de Rebetika (Rebetika tragoudia, Kedros). Maar hij heeft nog heel wat andere werkjes op zijn naam staan, waarvan een aantal die ervoor gezorgd hebben dat hij een "folklorist" kan genoemd worden. Enkele onderwerpen die hij behandeld heeft: scheldwoorden, de snor, gebaren, hasjisj, de foustanella, stoelen en banken, de omelet.
In zijn boekje "De Turkse koffie in Griekenland" (ISBN 960-211-080-5) gaat Ilias Petropoulos in op een aantal aspecten van de "Griekse" koffie, die natuurlijk helemaal niet Grieks is, maar Turks. (of al evenmin, want koffie is ingevoerd uit Brazilië, nvdr.)
Zo leren we dat er naast de bekende soorten zoet, matig zoet en ongezoet (respectievelijk glikos, metrios en sketos) nog een heel scala van tussenvormen bestaat. De indeling berust in de eerste plaats op de hoeveelheid suiker, maar ook op de hoeveelheid koffie (dus de sterkte van de koffie), de verhouding tussen die twee, en verder op de hoeveelheid water en op de manier van klaarmaken (één of meer keren tot koken gebracht).
Verder gaat hij in op de rol die een kafeneion speelde in de samenleving, en op de typische inrichting ervan. Tussendoor leren we ook iets over "koffiedik kijken". Voor wie zich daaraan wil wagen, is hier ook een voorbeeld te vinden van hoe je het bezinksel moet "lezen".
Het boekje wordt opgesmukt met een aantal tekeningen en een groot aantal veelal oude foto's.
Interessant om te lezen hoe Petropoulos op wetenschappelijke wijze een alledaags onderwerp aanpakt.
Jan Lejeune
Meteora
In de vlakte Thessalië (Griekenland), op de plaats Kalambáka en het nabijgelegen dorp Kastráki. Daar staat een stenen (woud) van meer dan twintig enorme rotspilaren – een doolhof van losse, steile rotsen die honderden meters hoog oprijzen. Op hun toppen bevinden zich kloosters met houten galerijen en overhangende daken.
Dit zijn de Meteora van Griekenland, waar unieke natuurlijke rotsen zijn gecombineerd met onvoorstelbare menselijke inspanningen. (Meteora) – van een Grieks woord dat verheven boven de aarde betekent – heeft betrekking op die groep geïsoleerde rotspilaren en op de meer dan dertig kloosters die daarop zijn gebouwd. De gemiddelde hoogte van deze rotsen is 300 meter, het hoogste exemplaar rijkt tot 550 meter.
Als we dichter bij komen, worden de schaduwen van de hoogoprijzende rotsen langer. Het landschap van deze vreemde wereld verandert voortdurend naarmate de zon verschillende schaduwen tussen de rotsen werpt. In de winter rijzen de kolossale, donkere rotsen omhoog uit een wit sneewtapijt.
De rotskloosters vormen tegenwoordig één van de interessantste plekken op de culturele kaart van Griekenland. Volgens de Unesco een unieke schatkist van cultureel erfgoed, opengesteld voor bezoekers. De kloosters bevatten draagbare iconen, kerkgewaden, muziekmanuscripten en zeldzame historische bijbelhandschriften. Als u naar Griekenland gaat, bezoek dan eens de Meteora.
Feys Eric
Lijnen
Aan het "lijnen"?
"MAREIFRAN": Grieks, een afleiding van MAREINO dat wil zeggen "word mager". Mareifran, venkel, werd aan de Grieken gegeven tijdens de Olympische Spelen in de Oudheid. Het gaf hen kracht en moed Het goede daarvan was dat men er niet alleen sterker van werd, maar dat ook het lichaamsgewicht binnen de perken bleef. De Griekse schrijver Culpeper: "Venkel word vaak in drank verwerkt voor mensen die te zwaar zijn zodat ze kunnen afvallen. Vandaag de dag wordt in landen waar volksgeneeskunde optimaal wordt geoefend, venkel aanbevolen aan mensen die aan het lijnen zijn".
Eric Feys
Begin november 2001 werd in Athene het Olympisch vuur voor de Winterspelen in het Amerikaanse Salt Lake City ontstoken. De Amerikaanse stad verwelkomt de Spelen van 8 tot en met 24 februari 2002. Het vuur werd niet op de traditionele manier aangestoken. De Grieken gebruikten enkele moderne hulpmiddeltjes omdat het vervaarlijk bewolkt was. Nadat verschillende sporters met de fakkel door Griekenland liepen, werd de vlam op 3 december in het oude Olympische stadion van Athene aan vertegenwoordigers van Salt Lake City overgedragen.
Een maand eerder, eind oktober 2001, werden vier "Olympische" onderministers benoemdt. Om te vermijden dat de Olympische Spelen van 2004 in het water zouden vallen, had de Griekse premier Kostas Simitis zijn regering grondig dooreengeschud.
Het Olympisch Comité kloeg dan al enkele maanden steen en been over het gebrek aan vorderingen in Griekenland. Het comité vreesde dat de Grieken de voorbereidingen voor de Olympische Spelen van 2004 nooit zouden kunnen bolwerken. Ondertussen werd Kostas Simitis met grote meerderheid opnieuw verkozen als leider van de Griekse socialistische partij. Met dat mandaat kreeg hij ook groen licht om orde op zaken te stellen in zijn kabinet. Premier Simitis versterkte zijn regering meteen met vier onderministers, die zich gaan bezighouden met de voorbereidingen van de Olympische Spelen in 2004. Zo is een van hen verantwoordelijk voor veiligheid. Een ander houdt toezicht op alle bouwactiviteiten. De regering heeft nog heel veel werk voor de boeg voor de Spelen in 2004 wist regeringswoordvoerder Dimitris Reppas. De herschikking van de portefeuilles zou moeten leiden tot een betere organisatie van de Olympische Spelen. De Griekse Eerste Minister heeft ook nog andere wijzigingen doorgevoerd in zijn kabinet. Minister van Financiën Yiannis Papadoniou werd getransfereerd naar Defensie. Minister Vasso Papandreou is van Binnenlandse Zaken overgeplaatst naar Openbare Werken, een ministerie dat nauw betrokken is met de Olympische voorbereidingen.
http://www.athens.olympic.org
| Yiorgos Mangas, zigeuner-klarinettist, werd geboren in Livadia (ongeveer 200 kilometer van Athene) in de jaren vijftig. Zijn muziek bevat zowel plattelands- als stadselementen. Tijdens de zomers reist hij vele traditionele openluchtsfeesten in Griekenland af. 's Winters is hij te vinden in de vele clubs van Athene. Zijn muziek is hoofdzakelijk afkomstig van de streek van Epirus, maar ook sterk beïnvloed door de rijke muziektraditie van de Balkan, behoorlijk onstuimige muziek met verrassende improvisaties. Hij is eveneens meester van de taxim: de melodielijn wordt in een vrij ritme door de muzikant ontwikkeld als begin van het dansbaar gedeelte dat volgt: dat is het moment waarop iedereen wacht.Terwijl Yiorgos theatraal over het podium wandelt voert hij zijn toeschouwers mee met weidse gebaren totdat de taxim zijn einde nadert en de muzikanten het publiek tot wild gedans aanzet. Tijdens zijn optredens wisselt Yiorgos geregeld van kostuum; hij is niet alleen muzikant, hij is ook een uniek showman. Voortdurend balancerend op de rand van de kitch zet hij iedereen op het verkeerde been en maakt van elk concert een bijzondere gebeurtenis. |
Eleftheria Paralias bericht u het droevige heengaan van
Zijne Excellentie Drachme, de oudste Europese munt
Drachme werd geboren in Egina omstreeks 670 vóór Christus
Drachme werd verdrongen door zijn concurrent
de Romeinse Denarius ten jare 146 vóór Christus
Drachme werd in eer hersteld ten jare 1833
Drachme werd ter dood veroordeeld
in 1991 met het Verdrag van Maastricht
Drachme leed sinds zijn veroordeling tot de dood
aan een acute waardevermindering
Drachme overleed totaal uitgeput op maandag 31 december 2001 om 23u59 lokale tijd op de gezegende leeftijd van 2.671 jaar
Drachme werd onder massale belangstelling van alle Grieken ten grave gedragen vanaf 1 januari 2002 in alle Griekse banken

De Griekse spoorwegen (Organismos Sidirodromon Elladas) baat een net uit van 2.474 kilometer. Daarvan is 1.565 kilometer "normaalspoor", 887 kilometer "meterspoor", 22 kilometer op "75 centimeter-spoor" en 27 kilometer op "60 centimeter-spoor". De afgelopen jaren ondernamen de Griekse spoorwegen een groot moderniseringsprogramma waarbij niet alleen het materieel vernieuwd wordt, maar waarbij er ook aan de wederopbouw en de elektrificatie van lijnen wordt gedacht. We werpen een blik op een net dat een metamorfose ondergaat.
De intercity Athene - Alexandrou polis berijdt het viaduct van Kyfaira. De OSE beschikt over 20 dergelijke stellen die met 2.000 kW 160 km/u kunnen halen - foto Nikos Klonos
Het normaalspoor strekt zich uit in het hele noorden en het oosten van het land. Er zijn vijf internationale verbindingen: twee naar Bulgarije via Promachon en Ormenion, twee naar Macedonië via Idomeni en Neos Kafkassos en één naar Turkije via Pythion.
Enige tijd geleden kon men op het normaalspoornet nog een brede waaier van diesellocomotieven aan het werk zien, afkomstig uit Duitsland, Frankrijk, Canada, Roemenië, Hongarije en de Verenigde Staten van Amerika. De rijtuigen waren afkomstig uit Oost- en West-Duitsland, voormalig Joegoslavië, Polen, Roemenië en Hongarije.
Tegenwoordig verzekeren de nieuwe diesellocomotieven van de reeks A-470, gebouwd door het Duitse ADTranz in de periode 1997 - 1999, het merendeel van zowel reizigers- als goederentreinen. Hun kinderziekten zijn nu zo goed als voorbij en ze zijn voor 97 procent beschikbaar. In de voorbije vier jaren legden deze 26 locomotieven reeds tien miljoen kilometer af. Het concept werd verwezenlijkt in de oude Henschel-fabrieken te Kassel. De kast (d.w.z. de carrosserie) werd verwezenlijkt bij Pafawag in Polen en de eindmontage geschiedde bij het ADTranz-filiaal te Mannheim. De driefasige tractiemotoren werden in Oostenrijk gebouwd. De draaistellen (d.w.z. de wielen en aanverwante delen) komen uit het Duitse Siegen, de aluminium dakpartij uit het Verenigd Koninkrijk. De locomotieven werden langs het spoor overgebracht naar het Italiaanse Triëste en van daaruit verscheept naar Elefsis. Vanuit Elefsis is er een spoorverbinding naar Athene op normaal- en meterspoor.
Een lokale trein te Dikea niet ver van de Bulgaarse grens, op de lijn Ormenio - Dikea; op kop een loc van de reeks A-470 van ADTranz. - foto Philippe De Gieter
Ten behoeve van het voorstadsverkeer gebruiken de Griekse spoorwegen twaalf tweeledige blauw-rode MAN-diesel-motorwagens. Ze zijn voorzien van een hydraulische overbrenging en werden onder licentie door de Griekse industrie vervaardigd in 1990 en 1991.
Dieselmotorstel onder licentie gebouwd in Griekenland op de lijn Chalkis - Inoi.

Voor het verkeer op de grote aders gebruikt de OSE diesel-elektrische motorstellen met vier of vijf rijtuigen. De twaalf eerste stellen van de reeks werden vanaf 1989 geleverd door een joint-venture van Oost- en West-Duitse bedrijven. De tweede reeks van acht eenheden werd vanaf 1995 geleverd door AEG te Henningsdorf nabij Berlijn.
Het merendeel van de andere locomotieven is geschrapt, zelfs de krachtige Roemeense locomotiefreeks A-550 van 1982.
nieuw treinstel in het stationnetje van Papsani
De tien drieledige Gannz-Mávag-diesel-motorstellen uit 1976 die vroeger een deel van de trafiek op de grote lijnen voor zich namen (vóór de ingebruikname van de InterCity-stellen) werden van hun tussenrijtuig ontdaan en ingeschakeld in de regionale diensten, vooral op de lijn Volos - Larissa.
Wat de reizigersrijtuigen betreft, kunnen we een gelijkaardige evolutie vaststellen. Wegens de levering van de vijfledige InterCity-dieselmotorstellen in 1995 konden de oude rijtuigen van Italiaanse en Hongaarse oorsprong, doch ook de nog oudere rijtuigen van ex-Joegoslavië en Polen geschrapt worden. Enkele slaap- en ligrijtuigen, overgekocht van de Duitse spoorwegen, blijven in dienst. Die rijtuigen doen dienst samen met deze gebouwd werden in de rijtuigfabriek van Bautzen (voormalig Oost-Duitsland), alsook deze van Griekse makelij met een centrale middengang en een lengte van 26,4 meter (licentie DWA).
ritborden van ter ziele gegane internationale treinen: Hellas-express, Venezia-express...
Het laatste decennium is er weinig veranderd aan de gesleepte treinen voor wat snelheid en comfort betreft. De lange en zware internationale treinen, zoals de Hellas-Express Keulen - Athene, die geteisterd werden door vele vertragingen, werden helaas afgeschaft.
Het goederenverkeer staat er minder goed voor: de vroegere en actuele conflicten in voormalig Joegoslavië hebben de trafiek tussen Griekenland en Centraal Europa een forse klap toegebracht, vooral op het gebied van fruit- en koeltransporten vanuit Thessaloniki. De grote witte koelwagons staan momenteel in lange rijen uitgeweken in de grotere stations. Het vervoer geschiedt heden eerder per vrachtwagen, tevens een veel meer flexibele transportwijze, via Roemenië en Bulgarije. Het is nu eenmaal zo dat de spoorwegen van deze landen zich niet snel genoeg hebben aangepast aan de nieuwe situatie.
Sedert de heropening van de lijn Zagreb - Agram zetten de Griekse spoorwegen alles op alles om het goederenverkeer in Centraal-Europa te doen heropleven. De belangrijkheid van deze lijn tijdens de jaren '80 was een reden om de lijn over een afstand van 76 kilometer te elektrificiëren, vanuit Thessaloniki tot aan de voormalig Joegoslavische (Macedonische) grens.
overgenomen uit "Op de Baan" nr. 48, december 2001 - met dank aan de "v.z.w. Toeristisch Spoor Patrimanium".
website: www.pfttsp.be

Twee splinternieuwe ADTranz diesellocomotieven type A-470 slepen op 27 juni 1998 een lange goederentrein van Larissa naar Athene; hier ziet u het konvooi in de omgeving van Karya - foto Artemis Klonos

Markos Vamvakaris werd in 1905 geboren in een arme katholieke familie op het eiland Syros. In 1917 kwam Markos na een "incidentje" (uit angst om opgepakt te worden) hals over kop naar de Piraeus, waar hij in contact kwam met het milieu van de manges. Hij werd een verstokt hasjisj-roker (met de waterpijp), leerde zichzelf bouzouki spelen (ca. 1925) en kwam aan de kost met allerlei jobs. Zo werkte hij jarenlang in de overdekte markt van Athene bij de slagers.
In het milieu van de tekés kreeg hij algauw naam. Hij maakte liedjes over het milieu: over drugsgebruik en over de gevangenis. Toen een uit Amerika ingevoerd plaatje met bouzouki-muziek (1932, To minore tou teké van Jack Gregory) in Griekenland een groot succes werd, ging men op zoek naar iemand die iets gelijkaardigs op plaat kon zetten. Zo kwamen ze bij Markos terecht, en zo werd hij een van de allereersten die in Griekenland bouzouki-muziek opnam. Dit was in 1932. Zijn manier van zingen en bouzoukispelen werd al gauw nagebootst, en is nog altijd zo'n beetje de norm voor authentieke rebetika. Korte tijd later vormde hij samen met Stratos (Payoumdzis), (Yorgos) Batis en Artemis (Anestis Delias) de eerste professionele bouzouki-kompania. Hij ging optreden in een bouzouki-taverna, ook iets nieuws.
Toen er in 1936 in Griekenland een rechtse dictatuur kwam onder leiding van Metaxas, werd de censuur ingesteld (werd pas afgeschaft in 1974 na de val van de kolonels!). Thema's zoals hasj, gevangenis en politiek waren niet meer toegelaten in liederen, of beter: het werd onmogelijk deze liederen op plaat op te nemen en op de markt te brengen. Vamvakaris was verplicht zijn thematiek aan te passen: vanaf nu geen chassiklidika meer, maar liederen over zijn persoonlijke ervaringen in het leven, onder andere over de vele, vooral negatieve, ervaringen met vrouwen. Hijzelf schrijft dat hij daar eigenlijk geen moeite mee had, en dat hij dankzij de censuur "betere" liederen is gaan schrijven.
In elk geval maakte dit zijn liederen meer toegankelijk en aanvaardbaar voor een groter publiek. Tegen het eind van de jaren dertig had hij een publiek uit diverse lagen van de Atheense maatschappij, al was voor het overgrote deel van de deftige Atheners de stap naar de bouzoukia op dat ogenblik nog veel te groot. Anderen hebben de popularisering van de bouzouki verder gezet: Tsitsanis, Chiotis, Zambetas, Theodorakis... Zo ontstond wat men nu laïka noemt.
Na de Tweede Wereldoorlog werd Markos al gauw minder populair, ten gunste vooral van Vassilis Tsitsanis, die liederen schreef die veel "beschaafder" overkwamen. Voor bepaalde opnames werd hij door Tsitsanis en anderen nog gevraagd, maar zijn succesperiode was duidelijk voorbij. De jaren vijftig waren moeilijke jaren voor Markos. Pas tegen het einde van de jaren vijftig worden er weer wat liederen van hem opgenomen (nieuwe en oude), maar nu gezongen door Grigoris Bithikotsis. Hierdoor begon er weer wat interesse te komen in de oude rebetika, bijvoorbeeld in kringen van mensen die wilden weten waar precies Theodorakis bepaalde inspiratie had opgedaan. Heel wat oude nummers van Vamvakaris werden in de daarop volgende jaren opnieuw opgenomen, meestal met andere uitvoerders en vaak ook met aangepaste teksten (zeker de chassiklidika).
overzicht van de evolutie van de rebetika
1870 voor-lopers |
café-aman mannen + vrouwen orkestje + publiek viool, oud, sandouri | tekés, gevangenis volkse stemmen mannen individueel bouzouki, baglamas | "het leven van de mangas" hasj, gevangenis | |||
1922 Smyrna-periode |
Smyrna-stijl overheersend inwijkelingen versterken de café-aman-traditie Dimitrios Semsis Andonis Dalgas Roza Eskenazy Stellakis Perpiniadis |
Piraeus-stijl blijft marginaal |
gebaseerd op "dromi" (makams) | |||
|
1934 klassieke periode | vermenging Smyrna - Piraeusstijl amateurs worden professionals vooral volkse stemmen mannen + vrouwen orkestje + publiek bouzouki, baglamas |
geleidelijk aan bredere thematiek naast de traditionele thema's | ||||
|
| Markos Vamvakaris Jannis Papaioannou Stelios Keromytis Michalis Jenitsaris | Stratos Pajoumdzis Sotiria Bellou |
| |||
1945 populaire periode
|
Vassilis Tsitsanis Manolis Chiotis Apostolos Kaldaras Jorgos Mitsakis Jorgos Katsaros Jorgos Zambetas | Marika Ninou | westerse invloed op ritme "lichter" mineur-majeur i.p.v. dromi opkomst van bouzoukivirtuozen | |||
1955 salon-rebetika |
- bouzouki wordt stilaan respectabel en wordt beluisterd door de hogere klassen - rebetika verliezen hun sociale voedingsbodem | |||||
1970 revival | - oude glories maken een come-back (Tsitsanis, Jenitsaris, Bellou) - nieuwe groepjes brengen oude nummers - populaire zangers/-essen brengen oude nummers (bijv. Dalaras) - zangers/zangeressen maken nieuwe rebetika-liederen | |||||
In 1969 en 1970 was hij zelf enkele keren op het podium te zien samen met andere "overlevenden" van de oude rebetika.
Hij stierf op 8 februari 1972. Bij zijn begrafenis speelden zijn zonen Domenikos en Stelios bij het graf van hun vader bouzouki.
Als inleiding op de aperitief-muziek-voordracht rond Markos Vamvakaris voeg ik er ook nog een schematisch overzicht van de evolutie van de rebetika-muziek aan toe (hierboven).
Jan Lejeune
Dat Leonard Cohen, de in 1934 in Montreal geboren joods-Canadese dichter-romanschrijver-singer-songwriter iets met Griekenland heeft, was al bekend uit het feit dat hij in de jaren zestig zo'n zeven jaar lang op het eiland Hydra gewoond heeft, samen met Marianne uit zijn gelijknamige lied.
In oktober 2001 verscheen zijn veertiende plaat met de weinig originele titel Ten new songs. Een van die liederen heeft als titel Alexandra leaving. De twee verzen die de kern van het gedicht vormen (in de oude betekenis van een refrein), luiden als volgt:
Say goodbye to Alexandra leaving,
then say goodbye to Alexandra lost.
En wat blijkt nu? Cohen heeft deze verzen bijna letterlijk ontleend aan een gedicht van Kavafis. Het draagt als titel
Antonius door zijn god verlatenVers 8 luidt:
je moet vaarwel zeggen aan het Alexandrië dat jou verlaat
en vers 19:
en vaarwel zeggen aan het Alexandrië dat je verliest
Cohen heeft het thema van het gedicht (vertrek-verlies) omgezet van de stad Alexandrië naar de vrouw Alexandra. En behalve wat al genoemd is, komen nog een aantal beelden uit het gedicht ook in de song voor. De nacht uit Cohen r.1 was bij Kavafis middernacht, zie vers 1; de god uit de titel van het gedicht van Kavafis is volgens vers 4 - 5 je fortuin die van je wijkt, en bij Cohen wordt het the god of love preparing to depart, betoverende muziek is exquisite music geworden; je moet beheerst naar het venster toegaan (vers 14) is geworden go firmly to the window...
Hier volgen beide teksten:
|
Alexandra leaving Suddenly the night has grown colder.
| Antonius door zijn god verlaten Wanneer, om middernacht, je plotseling een onzichtbare stoet voorbij hoort trekken met stemmen en betovernede muziek - treur dan niet nutteloos om je fortuin die van je wijkt, je werken die mislukten, je plannen voor het leven die allemaal illusies bleken. Je moet, als was je lang voorbereid en moedig, vaarwel zeggen aan het Alexandrië dat jou verlaat. Bedrieg vooral jezelf niet, zeg niet dat het een droom was, dat je gehoor je misleidde: laat zo'n vergeefse hoop niet tot je toe. Je moet, als was je lang voorbereid en moedig, zoals jou, die zo'n stad vergund was, past, beheerst naar het venster toegaan en luisteren, met ontroering, niet met lafhartig klagen en jammeren, in een laatst genieten, naar de klank der betoverende instrumenten van de geheime stoet die voorbijtrekt, en vaarwel zeggen aan het Alexandrië dat je verliest.
|
Jan Lejeune